Willem:

‘Voor mij is de hulp van Homerun het beste wat me kon overkomen. Ik was klaar voor verandering: het roer moest om. Ik zat tot over mijn oren in de handel en de wandel: ik zat bij de motorclub, belandde in vechtpartijen, ik kreeg met drugs te maken. Toen ik 34 was dronk ik een kistje bier leeg, dan ging ik naar de motorclub, drinken, drinken, snuiven en dan de stad in. Dat heb ik allemaal aan de kant gezet.

Ik dacht vroeger, ja wat dacht ik eigenlijk? Als je geen opleiding hebt en je wil toch verdienen, dan zul je daar wat voor moeten doen. Maar verder dacht ik helemaal niet na. Alsof iemand op een knop drukte, en ik deed wat ik moest doen. Ik ken ook geen pijn, lichamelijk dan.

Ik was er klaar voor. Ik wist ook dat Liesbeth anders weg zou gaan, en dat ik dan nog verder over de grens zou gaan.

Uiteindelijk had ik een aanvaring met een arrestatieteam en werd ik opgepakt voor verboden wapenbezit op een plantage. Ik kon kiezen: negen maanden naar de gevangenis of hulp krijgen. Uiteindelijk kreeg ik drie jaar toezicht en moest ik honderd procent meewerken aan de hulp van Homerun. Maar ik was er klaar voor. Ik wist ook dat Liesbeth anders weg zou gaan, en dat ik dan nog verder over de grens zou gaan.

Met Stieneke hebben we eerst heel veel gepraat, samen met mijn vrouw Liesbeth, die is er altijd bij. Het was de eerste keer dat ik met iemand over mijn leven heb gepraat. Er ging een boek open. Ik heb het thuis niet makkelijk gehad. Ik kom uit een gezin met zes jongens en vier meisjes. Mijn vader was beroepsmilitair, een narcist. Ik heb alleen maar lagere school gehad. Maar ik wilde aan de buitenwereld laten zien dat ik het wel kon, dat ik mezelf kon redden. Met Stieneke heb ik een levensverhaal gemaakt, met gebeurtenissen van baby tot nu. Ik zat zo vol met alles wat ik meegemaakt had. En dat zijn geen kleine dingen. Dat moest eruit. En daardoor weet ik beter waar alles vandaan komt.

Er was direct een vertrouwensband. Stieneke kijkt niet op ons neer.

Je wordt gehoord. En dat is fijn. De klik met Stieneke was er meteen. Er was direct een vertrouwensband. Stieneke kijkt niet op ons neer. Je krijgt hier de kans om uit te leggen waarom je de dingen gedaan hebt die je hebt gedaan. Ik moest mezelf redden, ik heb geprobeerd om te leven, en Stieneke begrijpt dat. Je moet het vertrouwen hebben in de ander, anders ga je de dingen niet vertellen die ik allemaal heb gedaan, dan kom je niet los met waar het eigenlijk om gaat. Je moet zelf willen veranderen en er honderd procent voor gaan.

Van Frida krijg ik agressieregulatie-therapie. Van haar heb ik geleerd: eerst denken, dan doen. Ik had zelf eerst niet in de gaten dat het niet normaal was dat ik zo kwaad werd. Als iemand raar doet, dan kun je twee dingen doen – dat weet ik nu – of erop slaan of door de deur naar buiten lopen. Vroeger sloeg ik er meteen op. Ik heb geleerd te denken: ho, stop. Wat zijn de mogelijkheden? A, B, C of D? Welke keuze ga ik maken? Ik moet ook leren bij mezelf te blijven. Als ik dingen lees of zie die onrechtvaardig zijn, dan kan ik daar vol van raken. Er gebeurt iedere keer wel weer wat en dan zijn we blij dat we Stieneke hebben. Mijn gevoel komt steeds verder terug. Eerst liet ik nooit wat van mezelf zien. Ik ben nu weer de Willem die ik vroeger als kind was.’

Liesbeth:

 ‘Toen we elkaar acht jaar geleden leerde kennen via een datingsite was hij nog wel aan de wilde kant. Er stond gespuis aan huis. En toen ik ineens bij hem thuis kwam, en die jongens waren er allemaal, toen dacht ik: oh, wat een wilde kerel. Ik ben heel beschermd opgevoed, alleen met vrouwen en ik heb dochters. Ik dacht: wow, ik weet niet of ik dat wel leuk vindt. Maar we werden toch verliefd.

In het begin toen Stieneke kwam, toen was Willem net een vulkaan. Stieneke zei ook: jeetje dat je dat allemaal hebt meegemaakt. Dat was heftig om te horen. En de ene keer kun je daar beter tegen dan de andere keer. Willem heeft natuurlijk wel wat criminele dingen gedaan, dus ik was er wel bang voor dat er op hem neergekeken zou worden. Zo van: jij hebt straf en ik bepaal wat jij moet doen, dat werkt niet. Maar dat gebeurde gelukkig niet. Stieneke toont begrip. En ze luistert.’